dinsdag 13 juli 2010

11 juli: 'Vlaamse feestdag in het Lokerse groen'

Dames en Heren,
Beste Lokeraars,

Ik heet jullie allemaal van harte welkom hier op ons gezelllig marktplein (dat binnenkort nog gezelliger zal worden). Wees gerust, dames en heren, ik ga hier op deze prachtige zomerse zondagmiddag geen hoogdraverige toespraak houden. Dat kan de bedoeling niet zijn.

Laat mij alvast starten met iedereen van harte een mooie en prettige Vlaamse Feestdag toe te wensen.
Lokeren, onze stad, viert traditioneel de Vlaamse feestdag elk jaar opnieuw met een enorme gretigheid. Dit jaar konden we uiteraard niet onderdoen voor al de voorgaande jaren. We zijn dit jaar ietwat afgeweken van de ondertussen traditionele viering op het Kerkplein. Stad Lokeren liet de voorbije maanden immers twaalf picknickbanken vervaardigen en installeren op evenveel mooie Lokerse plekjes. Waarom zouden we de 11juli-viering van 2010 daar niet aan koppelen, dachten we.


En zo ontstond dit evenement dat de naam Pi©k-je-plekje meekreeg. Pi@k-je-plekje… een schitterend initiatief dat een fietstocht combineert met een picknick, met concerten en oude volksspelen op de verschillende picknickplaatsen. Fietsen, eten en drinken, en tal van randactiviteiten, kan het nog Vlaamser ?

Fietsen tussen het groen ook. Lokeren is een groene stad en daar zijn we heel fier op. Lokeren is ‘fel naturel’, zo luidt de baseline in ons kersvers logo. Het groene karakter van onze stad, dat groen dat door de Durme tot in de kern van de stad wordt gezogen, is een troef die onze stad kan en moet uitspelen. Dat doen we dan ook vandaag, op deze 11 juli, op deze 'Vlaanderen Feest.'

Onze diensten hebben andermaal puik werk geleverd. Ann Vervaet met de meisjes van de Toeristische Dienst die alles – zoals steeds – in goede banen leidden. De mensen van de Weverslaan, de groendienst en dienst openbare werken die de picknicktafels plaatsten, de vuilbakjes, die petanquepleinen aanlegden, noem maar op. De mensen van VVV-Toerisme zou ik uitdrukkelijk willen danken voor het financieren van de banken en voor de hulp vandaag natuurlijk. De mensen van de provinciale school voor het fabriceren ervan. De Culturele Raad en de culturele dienst die zorgden voor de animatie op elke picknickplek.

In het prachtige groen van onze stad kan u dus vandaag genieten van theater, muziek, een partijtje petanque, circus, bordspellen,… de dames van KVLV Lokeren gaan zelfs de creatieve toer op (ik dacht met workshops op de Spoele), de Lokerse fotoclub legt uw picknickmoment vast, en zoveel meer.

Ik hoop dat het voor elk van jullie een prachtige dag mag worden.

Dames en Heren, Lokeren is mooi, dat weten we ondertussen. Vlaanderen in zijn totaliteit is dat ook, een mooie regio. Welvarend ook. Maar we zullen er moeten voor zorgen dat dat zo blijft in de toekomst. De Vlamingen hebben enkele weken geleden het signaal gegeven dat men daar in Brussel dringend werk moet van maken. Het signaal gegeven dat Vlaanderen dringend meer, beter afgebakende en meer autonome bevoegdheden moet krijgen. Ik denk, en ik hoop, dat onze kersverse “preformateur” die boodschap begrepen heeft.

Maar zoals gezegd dames en heren , geen hoogdraverige toespraken en boodschappen. We houden het gezellig. Ik wens u allen een mooie Vlaamse feestdag. En zoals het hoort op de Vlaamse Feestdag spelen wij nu de Vlaamse Leeuw.

woensdag 19 mei 2010

Tussenkomst plenaire vergadering Vlaams Parlement: 'Willekeur bij Vlaams Stedenfonds'

Mijnheer de voorzitter,
Mevrouw de minister,
Collega’s,

We gaan niet te veel in herhaling vallen en al zeker niet het debat uit de commissie overdoen. Wat naar mijn mening iets te weinig aan bod komt in de beleidsnota is dat stedenbeleid en stedelijk beleid in eerste instantie door de steden zelf wordt gevoerd.

Gezien de historiek van financiering van gemeenten en steden, kunnen steden en gemeenten niet anders dan beroep doen op de hogere overheden om hun rekeningen te doen kloppen en om een degelijk stedelijk beleid te voeren.
En we moeten toegeven, beste collega’s, dat de financieringsmechanismen er niet eenvoudiger op geworden zijn. Er is het Vlaams Stedenfonds – waar ik het seffens nog even over moet hebben – er is het Gemeentefonds (onder voogdij van minister Bourgeois), er is het Stadsvernieuwingsfonds, en er is op de koop toe het grootstedenfonds van de federale overheid, waar ernstige vraagtekens bij kunnen gesteld worden vanwege onbevoegd. Het is allemaal wat veel nietwaar, misschien moeten we ons toch de vraag stellen of het niet beter zou zijn om dit alles te laten opgaan in één gemeentefonds.

Maar specifiek wil ik het toch nog even hebben over het Vlaams Stedenfonds, mevrouw de minister, dat duidelijk onder uw bevoegdheid valt. Er is een zeer uitgebreid rapport gemaakt door het Rekenhof, waar wij het reeds uitvoerig hebben over gehad in de commissie. De rode draad door dat rapport is: 'willekeur'. Willekeur inzake selectie van de betrokken steden, willekeur in de toegekende bedragen aan die steden, en willekeur bij de besteding van de overgemaakte bedragen... Veel steden hanteren de verkregen bedragen om hun reguliere werking te financieren. Een rapport van het Rekenhof dat kan tellen, dus. We kunnen de vraag stellen of een of andere benadeelde stad hier geen juridische gevolgen naar de Vlaamse Regering toe zou kunnen aan koppelen.

Ik was dan ook een beetje verwonderd door het antwoord dat u op de kritieken van het Rekenhof gaf, mevrouw de minister. Want u zegt in uw antwoord dat het Rekenhof het verkeerd voor heeft, dat het Rekenhof dwaalt en u zegt erbij dat u niet de intentie hebt om voor 2013 iets te veranderen aan deze situatie.

In verband met de willekeur van de selectie van de steden zegt u dat die gebaseerd zijn op objectieve studies van de Serv en van het Gemeentekrediet. Maar die studies zijn respectievelijk 15 en 12 jaar oud. De situatie is ondertussen toch al wat veranderd, lijkt me.

In verband met de willekeur bij de besteding van het Stedenfonds in sommige steden, zegt u doodleuk dat u er eigenlijk geen probleem mee hebt dat dat Stedenfonds gebruikt wordt om de reguliere rekeningen te doen sluiten. Maar dat was initieel niet de bedoeling bij de oprichting van het Stedenfonds, mevrouw de minister.
Ik zou dan ook een oproep willen doen, mevrouw de minister, en ik doe dit over de partijgrenzen heen… want ik weet ook wel dat de Vlaamse parlementairen – of ze nu in de meerderheid zitten of niet – de rekening maken van hun eigen gemeente… Ik zou een oproep willen doen om het rapport van het Rekenhof niet blauwblauw te laten… en al zeker niet te wachten tot 2013 om dit verder te onderzoeken. Het is de taak van een minister en van de voltallige Vlaamse Regering om een rechtvaardig financieringsbeleid te voeren naar steden en gemeenten toe. Dergelijk uitvoerig onderzoek van het Rekenhof, dergelijk rapport… verdient beter.

donderdag 22 april 2010

Standpunt: 'Hervorming Vlaams parlement moet grondiger'

Vlaams volksvertegenwoordiger Filip Anthuenis (Open Vld) wil de werking van het Vlaams parlement fundamenteler wijzigen dan Vlaams parlementsvoorzitter Jan Peumans in zijn actieplan voorstelt. 'Het siert de heer Peumans dat hij de instelling wil hervormen, of op zijn minst nieuwe klemtonen wil leggen', klinkt het. 'Maar waarom doen we het dan niet ineens grondig ?'
Anthuenis stelt drie ingrijpende veranderingen voor: het afschaffen van het vragenuurtje, het voeren van verhevigde actualiteitsdebatten en de installatie van een commissie Dereglementering. Bovendien zou een herschikking van de ministeriële bevoegdheden het parlementaire werk een pak gemakkelijker kunnen maken. 'De verdeling van de portefeuilles mist nu elke logica', aldus de Lokerse politicus.


Schaf vragenuurtje af

Jan Peumans hoopt sinds zijn aanstelling dat het parlement meer 'schwung' krijgt en nog meer haar functie als waakhond van de regering waarmaakt. 'Het vragenuurtje moet korter en snediger', bepleit de parlementsvoorzitter, ' (...) en om onze schaarse tijd beter en efficiënter te besteden pleit ik eveneens voor een andere en betere taakverdeling tussen de plenaire vergadering en de commissieactiviteiten.'

Filip Anthuenis hoort het zijn voorzitter graag beweren, maar wil zelf heel wat verder gaan.
'Waarom schaffen we het plenaire vragenuurtje niet gewoon af ?' stelt hij boudweg voor. 'Heel dikwijls worden die vragen enkel gesteld om naambekendheid in de pers en bij de kiezer te vergroten. Ze sluiten bijgevolg heel vaak aan bij thema's en faits divers die in de pers werden gelanceerd. Er is overigens een inflatie van vragen. Ik denk dat veel vragen niet gesteld worden omwille van het antwoord maar wel omwille van de rapporten van de kranten. Als de vragen er echt toe doen kunnen ze beter in de desbetreffende commissie worden gesteld, waar de politici zetelen die zich de problematiek hebben eigen gemaakt en waar het debat bijgevolg grondiger én technischer kan worden gevoerd.'

Dit sluit, volgens Anthuenis, perfect aan bij de visie van Peumans die hoopt dat 'de nieuwe verkozen parlementsleden, eerder dan zich uit te sloven in het opstellen van massa's vragen over berichten die ze dagelijks in de media lezen, zich verdiepen in het instuderen van themadossiers in het beleidsdomein dat hen nauw aan het hart ligt en waarin ze over voldoende expertise bezitten.' Anthuenis denkt dat dit de kwaliteit van het maatschappelijk debat enkel ten goede kan komen. 'Door dergelijke vragen in de commissies te behandelen kunnen de betrokken politici makkelijker de totaliteit van hun deeldomein overzien en kunnen politici, wiens competentie niet bij het besproken onderwerp ligt, hun tijd beter besteden.'

Commissie dereglementering/ wetsevaluatie

Wetten en decreten zullen er altijd nodig zijn. Maar we moeten het ook aandurven om niet meer zinvolle decreten te schrappen. Ook in andere landen gebeurt dit. In het Italiaanse parlement werden enige tijd geleden, na degelijk voorbereidend werk, maar liefst 29.000 wetten afgeschaft.
'Laat dit een inspiratiebron zijn voor de werkzaamheden in het Vlaamse parlement', pikt de volksvertegenwoordiger op dit voorbeeld in. 'Het Vlaamse niveau staat, onder meer bij onze Vlaamse steden en gemeenten maar ook elders, bekend om zijn overreglemetering. Een commissie die zich buigt over de dereglementering, de wetsevaluatie, of administratieve vereenvoudiging - hoe we die ook willen noemen - kan hier baanbrekend werk verrichten. Door écht te gaan snoeien in overbodige en onaangepaste wetgeving. Ook burgers zouden onaangepaste wetten moeten kunnen melden. Via verzoekschriften zouden burgers moeten kunnen melden wanneer wetten die ten minste drie jaar van kracht zijn, onaangepast zijn aan de situatie die ze moeten regelen. Deze praktijk werd recent in Kamer en Senaat ingevoerd en zal daar – hopelijk – door een grondige communicatie tot een succes uitgroeien. Het kan bovendien een goed model zijn om te hanteren in ons Vlaamse parlement.’

Bevoegdheden herschikken
Maar ook de regering kan zijn duit in het zakje doen om het parlementair werk efficiënter te maken. 'De versplintering van de bevoegdheden over verschillende ministers is ook een storende en moeilijke factor bij het uitoefenen van ons mandaat als Vlaams volksvertegenwoordiger’, licht Anthuenis toe. 'Het maakt er onze controlerende taak niet gemakkelijker op. In sommige commissies verschijnen drie tot vier ministers. Iedereen is het over eens dat we in economisch barre tijden verkeren. Waarom heeft men dan de economische bevoegdheden verdeeld over vier ministers (Peeters, Lieten, Muyters en VandenBossche) ? En waarom verdeelt men één administratie over drie ministers (jeugd, sport, cultuur) ? Het wordt zeer moeilijk om op die manier tot ‘een daadkrachtig Vlaanderen te komen in beslissende tijden.’ Daarom doet Filip Anthuenis een oproep aan de regering om dit dringend bij te sturen. De verdeling van de portefeuilles moet een pak logischer kunnen.

Voer hevige actualiteitsdebatten

Tegelijk vindt Anthuenis dat er in de plenaire vergadering uiteraard nog plaats voor debat moet zijn. 'Het plenum is uitermate geschikt om grote actualiteitsdebatten met een brede maatschappelijke waarde te voeren. Laat in dergelijke debatten de grote ideologieën maar luid klinken - én, als het moet, botsen,' benadrukt hij. 'Nu blijkt dat alle partijen zowat in het midden van de politieke vijver vissen, kan daar ongetwijfeld het verschil nog gemaakt worden !'
Vanzelfsprekend komt er door het vragenuurtje naar de bevoegde commissies te verwijzen in het de plenaire vergadering tijd vrij voor het echte werk: het becommentariëren van decreten, voorstellen tot decreet, decreetswijzigingen, e.d.

dinsdag 30 maart 2010

Huldewoordje voor Marleen Temmerman: 'In Eksaarde moet iets in het water zitten'


In Eksaarde, daar zit blijkbaar iets in het water. Daar worden verdorie ‘straffe kadees' geboren.
Marleen Temmerman, is misschien wel de strafste. Mevrouw Temmerman, beste Marleen, we zijn heel verheugd met uw aanwezigheid hier.

Iedereen kent Marleen Temmerman als de meest bekende Vlaamse Gynaecologe, een BG zo je wil. Maar daar houdt het niet mee op natuurlijk. Sinds vorig jaar, het was september en de huldiging vond plaats in Kaapstad mag Marleen zich – en dat liefst drie jaar lang - de meest verdienstelijke gynaecoloog ter wereld noemen. Voordien werd ze al eens meest verdienstelijke Lokeraar, maar de onderscheiding die door de Internationale federatie voor Gynaecologen en Verloskundigen aan haar werd toegekend had toch – laat ons eerlijk zijn - dat ietsiepietsie meer uitstraling naar de buitenwereld toe. Maar ook daar houdt het niet mee op, collega's.

Enkele weken terug sleepte Marleen de zeer prestigieuze Lifetime Achievement Award in de wacht… de Lifetime Achievement Award van het British Medical Journal.

Beste Marleen,
Het stadsbestuur houdt er vanavond aan u hier op het stadhuis te ontvangen en eens extra in de bloemetjes te zetten. Ik hoop dat het u als voormalig gemeenteraadslid deugt doet. Uw inspanningen om de seksuele gezondheid en rechten van vrouwen te verbeteren, vooral in Afrika, hebben u in Londen de de prestigieuze Achievement Award opgeleverd. In alle bescheidenheid zegt u daar zelf over, ik citeer even: “Deze prijs winnen betekent veel voor me, omdat het een erkenning vormt van ons werk – niet enkel omwille van zijn wetenschappelijke waarde maar ook als erkenning van het belang om wetenschap en sociale waarden en verantwoordelijkheden te combineren."

En dat, beste aanwezigen, is mijns inziens Marleen ten top. Een briljant wetenschapster, een steengoede dokter ook; maar tevens een activiste op het sociale vlak. Haar strijdpunten verdedigt zij met glans als politica in de senaat. En wanneer je er haar over hoort praten, in het halfrond, tijdens een spreekbeurt, of in de media, kan je niet anders dan bevangen worden door haar bevlogenheid.

De terreinen waarop Marleen actief is zijn zeer divers : als arts leert ze mensen kennismaken met hun eigen lichaam; als gynaecologe wordt ze vaak ook geconfronteerd met de donkere kant van het leven, zoals bijvoorbeeld geweld op vrouwen en verkrachting, een onderschat probleem in onze samenleving waar ze dan ook meteen iets wil tegen doen. Als dokter in een derde wereldland zag zij dagelijks de nood aan solidariteit en respect voor mensen. Als werkende vrouw en moeder pleit zij voor een betere en betaalbare kinderopvang en gelijk loon voor gelijk werk. Als lesgever legt ze de nadruk op het meegeven van communicatievaardigheden, maatschappelijke waarden, respect en culturele diversiteit aan studenten geneeskunde en jonge artsen. Als mens tenslotte hoopt zij dat we op een dag beseffen hoe gelukkig we hier kunnen zijn, dat we in de toekomst met minder angst tegenover onze andersdenkende of anders uitziende medemens staan en beseffen dat we toch gewoon allemaal mensen zijn.

En wat weinigen weten, collegas, is dat Marleen ook voor onze kliniek, voor AZL vele inspanningen doet om de samenwerking met het UZ Gent in goede banen te leiden.

Beste aanwezigen, het voorgaande is een hele boterham, maar voor al deze actiepunten zet Marleen zich dagdagelijks in.
Hoe je het doet weet ik niet, beste Marleen, ook voor jou telt de dag maar 24 uur. Maar jij slaagt erin in die tijdspanne enorm veel te realiseren.

Beste Marleen, ik denk dat onze stad en haar inwoners bijzonder trots op jou mogen zijn – ze zijn dat ook !- en ik wens u in naam van het stadsbestuur van harte te feliciteren met uw recente onderscheiding.

Ik hoop dat we nog veel van u mogen horen en wens u verder alle succes toe en een nooit aflatende bevlogenheid.

maandag 29 maart 2010

Toespraak opening nieuw administratief centrum: 'Veel glas voor een heldere kijk op de wereld'


Ik ben niet weinig verheugd om u allen hier vandaag te mogen verwelkomen in dit gloednieuw gerenoveerde gebouw dat stad Lokeren met oog voor de geschiedenis van dit pand d’ Oude Bank heeft gedoopt. Het pand werd tussen 1918 en 1930 gebouwd en is overigens altijd een bank geweest, eerst de Kredietbank, later KBC.

Laat ons eerlijk zijn, oud ziet het er nu niet meer uit. Het gebouw heeft een tijd leeg gestaan, de voormalige commercieel ogende gevel van de bank – niet echt een esthetisch hoogstandje – en het interieur kregen een grondige facelift. De neoclassicistische gevel heeft zijn glans teruggekregen. Het is een modern dienstencentrum geworden, met veel ruimte en licht en heel wat faciliteiten. De aankoop van het gebouw in 2005 paste overigens volledig in het rationele gebouwenbeheer dat de stad als sinds geruime tijd voert.

Dit gebouw - mijnheer de minister, beste aanwezigen - laat de stad toe enkele diensten op een meer logische manier te herhuisvesten. Meer centralisatie, een gemakkelijkere bereikbaarheid voor de burger, betere toegankelijkheid voor personen met een handicap, het afstoten van minder functionele gebouwen… dat zijn allemaal zaken, je zal het ons misschien niet nageven, waarmee het stadsbestuur in het gebouwenbeheer rekening houdt.

Toen er enkele jaren geleden een omwenteling plaatsvond door de ICT-diensten van zowel de stad als het OCMW samen te brengen in een synergie, als een eerste stap in een nauwere samenwerking tussen stad en OCMW, werd al snel duidelijk dat herhuisvesting noodzakelijk was. Vandaag blijkt hoe functioneel onze gezamenlijke ICT-dienst zich hier heeft genesteld. Ik durf er mijn hoofd om verwedden dat zij hier niet meer weg willen. Tenzij om een sigaretje te gaan roken.

Of onze dienst Integrale Veiligheid uit het Park Ter Beuken weg wou is een andere vraag. Zij waren, alvorens naar hier te verhuizen, gehuisvest in een bijna paradijselijke omgeving: prachtig park met vijver. Ik kan me voorstellen dat schafttijd aan de oever van die vijver iets schilderachtigers heeft dan een boterhammeke eten in een refter. Jullie Déjeuner sur l’herbe, Christof en medewerkers, behoort tot het verleden. Jammer, maar de praktische bezwaren van de locatie hebben het gehaald op het natuurschoon. Hier zitten jullie pal in het centrum waar de mensen jullie vlot kunnen vinden, want dat is – specifiek naar jullie takenpakket toe - uiteindelijk toch de bedoeling en de grootste noodzaak. De tweede verdieping hier is van jullie, en wat mij betreft, voor eens en voor altijd. Ik hoop van harte dat de burger vlotjes zijn weg naar jullie vindt.

Een beetje hetzelfde verhaal geldt voor het vredegerecht, mevrouw de Vrederechter. In een kasteel werken heeft zo zijn charmes, kan ik me voorstellen, maar uiteindelijk hebben we moeten toegeven dat het als locatie voor het Vredegerecht niet de meest geschikte locatie was, het kasteel Van Duyse. Eveneens niet centraal gelegen, niet echt functioneel ingericht, heel moeilijk en prijzig ook om er een nuttig gebouw van te maken. Als stadsbestuur moet je dergelijke dingen - in onderling overleg uiteraard - durven inzien en bespreken, denk ik. Dat hebben we dan ook gedaan, heel constructief. Hier, - mevrouw de vrederechter, hoofdgriffier, medewerkers - kunnen jullie voortaan terecht in een ruime zittingszaal en raadkamer, hier werden voor jullie enkele mooie kabinetten ingericht. Een kasteel is het niet, maar het lijkt me geen slecht idee om justitie en zijn werking uit de marmeren paleizen weg te halen. Veel glas en een heldere kijk op de wereld – mijnheer de minister, mevrouw de vrederechter – kan de werking van justitie enkel ten goede komen.

Geachte aanwezigen,
Ik hoop dat dit nieuwe dienstencentrum zijn rol hier pal in het centrum ten volle zal kunnen vervullen en dat de burgers hier steeds op de diensten beroep zullen kunnen doen, en dat op een correcte, moderne en burgergerichte manier.
Daar ben ik samen met u van overtuigd,

Ik dank u,
Filip Anthuenis

vrijdag 26 maart 2010

Toespraak 50 jaar Liberale Bond Gepensioneerden in Lokeren

50 jaar Liberale Gepensioneerden, het is niet niks. Een vereniging die het een halve eeuw uitzingt moeten we met respect behandelen, zoiets is niet vanzelfsprekend. Ik wil dan ook van start gaan met jullie van harte te feliciteren met dit opmerkelijke jubileum.

Beste vrienden,
Onder impuls van de Liberale Mutualiteit van Oost-Vlaanderen werd 50 jaar geleden opdracht gegeven aan de Lokerse mutualiteit om een vereniging van Liberale Gepensioneerden op te richten. Wijlen Isidoor Van den Berghe, de toenmalige secretaris van onze mutualiteit, ging aan de slag en stampte de vereniging uit de grond. Gustaaf Bogaert werd de eerste voorzitter. Julia De Nul, Paul Van der Poorten, Edward de Wiest, Jozef Van de Wiele, Medard De Nul en Lisette Leys, zij vormden het eerste bestuur. Dat was het prille begin. De vereniging was geboren. En er werd toen vooral gekaart, in het liberaal huis. En af en toe ook ne keer ruzie gemaakt. Want iedereen wilde toen, heb ik me laten vertellen, altijd op zijn zelfde plaats zitten. Wee degene die op een ander zijn stoel was gaan zitten. Die had ambras, dikken ambras !

Het was de tijd van de legendarische vakanties in Blankenberge, in vakantiehuis Cosmopolite. Later ook in hotel Liberty. Onder impuls van de heer Van den Berghe ging men ook naar de KNS in Gent, naar het toneel. Jarenlang werd op deze manier in activiteiten voorzien, ook na het overlijden van voorzitter Gustaaf Bogaert toen Paul Van der poorten de voorzittersfakkel overnam. Paul zit in onze herinnering als een sterk sociaalvoelend man, die elk jaar de nieuwjaarsgeschenken ronddroeg bij de zieke leden. Drie jonge leden, Willy Boelens, Leon Van de Wiele en Jacky Coppieters traden onder zijn voorzitterschap tot het bestuur toe.

De volgende voorzitter, Julien de Lausnay, stond voor verandering. Hij wilde nieuwe en jonge leden aantrekken en gaf de opdracht aan Leon om hiervoor een programma uit te werken. De reis naar de kust werd een jaarlijkse traditie, verder ook dagreizen naar Zeeland voor een bezoek aan de Deltawerken, Lier, Rijsel, Philipinne (schoon plaatske), en zelfs naar Scherpenheuvel (bij de madonna with the big boobies). Leon zocht dan telkens een lekker restaurantje uit. In die periode werd de samenwerking met het provinciaal bestuur intenser. Het wegvallen van Julien was voor de vereniging een groot verlies. Julien Mettewie werd bereid gevonden het voorzitterschap op te nemen. Onder zijn beleid wordt de succesformule verdergezet. Ieder jaar organiseren jullie een clubfeest, een nieuwjaarsfeest, een mosselfestijn op Philipinne, een aspergemenu in Zuiddorp enzovoort. Actieve gepensioneerden, zou ik durven zeggen.

Beste liberale vrienden,
Misschien moet ik het even over Lokeren hebben. Jullie vereniging is een actieve pijler binnen de Lokerse Open Vld. En als beleidspartij denken we ook aan jullie, de actieve senioren. Jullie hebben er allemaal al van gehoord. Als bestuur zijn we zinnens om de markt heraan te leggen. Bedoeling is de markt verkeersluwer te maken en meer ruimte te geven aan fietsers en wandelaars. Ik denk dat jullie er ook niets op tegen hebben dat we de markt bovendien nog gezelliger willen maken door meer ruimte te voorzien voor terrassen aan de cafés. We drinken allemaal al eens graag een trappistje in het lentezonnetje. Ik ken er hier onder jullie wel een paar die er meer dan één kunnen verzetten.

Een goede gezondheid wens ik jullie uiteraard allemaal en nog heel lang toe. Maar als er door ziekte iets fout loopt willen we er als stadsbestuur alles aan doen om iedereen zo goed mogelijk bij te staan. Vandaar dat er verder wordt gewerkt aan het ziekenhuis, voor maar liefst 10 miljoen euro aan investeringen. Er komt een nieuwbouw naast het bestaande gebouw met een nieuwe dienst medische beeldvorming, een dagziekenhuis en een kinderafdeling; er komt nieuw medisch materiaal een nieuwe CT-scanner onder andere,…

Ook willen we het rusthuis Ter Durme renoveren: de derde en vierde verdieping worden aangepakt, er komt een centrale keuken, een nieuw restaurant, nieuwe cafetaria en een nieuwe lift.

Beste aanwezigen,
Het leven houdt niet op bij 50. Integendeel, ik heb me laten vertellen dat het dan pas begint. Misschien geldt dat ook voor jullie vereniging.

Ik hoop het van harte en wens jullie nog een schitterende toekomst toe !